15 maart 2018

Interview Arthur Noordhuis over ‘Framing voor juristen’ en ‘Constructief voorzitten en vergaderen’

Arthur Noordhuis is verbonden aan het Nederlands Debat Instituut. Op de Academie verzorgt hij verschillende trainingen zoals ‘Framing voor juristen’ en ‘Constructief voorzitten en vergaderen’. 

Framen of geframed worden

De cursus ‘Framing voor juristen’ is de laatste jaren onverminderd populair, hoe komt dat? 
Veel juristen merken dat zij zelf, en hun werk, op een bepaalde manier worden geframed. Deelnemers aan de training willen zich daar beter bewust van zijn, het leren herkennen en zich ertegen kunnen verweren. Anderen willen zich persoonlijk ontwikkelen en zijn vooral nieuwsgierig omdat ze zien dat framing en reframing in de politiek en bij de overheid veel gebruikt wordt. Elke beleidsmaker beïnvloedt immers de discussie door zijn of haar woordkeuze. Zelfs de titel van een verdrag of wet kan een discussie al bewust of onbewust beïnvloeden.

Heb je daar voorbeelden van?
Denk aan de WIV, de nieuwe Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Deze wet wordt door tegenstanders “sleepwet” genoemd. Sleepwet klinkt als sleepnet en geeft associaties met vissers die de zeebodem volledig omwoelen en leegvissen, met veel onnodige bijvangst. Het gebruik van deze term, ook in het nieuws, is in het publieke debat in het voordeel van de tegenstanders. De wetgevingsjuristen zitten dan met de handen in het haar. De essentie van de regeling dreigt verloren te gaan, namelijk het aanpassen van een sterk verouderde wet aan de huidige communicatietechnologie.

Ook een naam als Wet Zorg en dwang roept weerstand op. Het is een naam die onbedoeld het beeld oproept dat zorg en dwang hand in hand gaan. Dit geeft mensen in de zorg geen positief gevoel, daar probeert men juist zo min mogelijk dwang toe te passen. Juristen zeiden achteraf dat het beter ‘Wet beperking dwang in de zorg’ had kunnen heten, omdat dit beter de lading dekt.

Een ouder voorbeeld is de Europese Grondwet. Dit geeft associaties met één Europese staat. Een grondwet die de basis zou kunnen gaan vormen voor de Verenigde Staten van Europa. De titel ‘Verdrag voor betere onderlinge samenwerking’ had een andere discussie uitgelokt.

Houden juristen van framing?
Overheidsjuristen en wetgevingsjuristen zijn opgeleid om zo objectief mogelijk, exact, inhoudelijk en gedetailleerd zaken te verwoorden. Hierbij past niet goed het gebruik van vergelijkingen en woorden die krachtige associaties en beelden oproepen. Maar framing is feitelijk spelen met taal, woorden en nuanceverschillen. Daar houden juristen wel van.

"Wilt u destructief of constructief vergaderen?"

Arthur, je verzorgt een paar keer per jaar op de Academie de cursus ‘Constructief vergaderen en voorzitten’. In deze training wordt geleerd om constructief te vergaderen. Bestaat er ook zoiets als destructief vergaderen?
Goede vraag! Helaas zijn veel vergaderingen onbedoeld destructief van aard. Iedereen herkent het wel: vergaderingen die te lang duren, waarin wordt afgedwaald van het onderwerp, een deel van de aanwezigen mentaal is afgehaakt en een paar mensen politieke spelletjes spelen en stokpaardjes berijden. Na afloop dringt de vraag zich op: wat hebben we nu eigenlijk besloten? Dit soort vergaderingen kosten veel energie en veroorzaken een ontevreden gevoel. Er worden vooral onderwerpen doorgeschoven naar een volgende vergadering.

Wat wordt bedoeld met constructief vergaderen?
In de training leren de deelnemers om zich als constructief deelnemer op te stellen en de vergadering in goede banen te leiden. Agenda, voorzitter en constructieve deelnemers kunnen elkaar ondersteunen. De agenda kan vaak op meerdere punten verbeterd worden. De voorzitter kan verschillende technieken en werkvormen toepassen en elk van de deelnemers kan zowel verbaal als non-verbaal de voorzitter steunen.

Hoe kan een agenda de vergadering positief beïnvloeden?
De agenda wordt soms gezien als een simpel documentje met een paar genummerde trefwoorden onder elkaar. Het zou een gedetailleerde routekaart moeten zijn die duidelijk maakt wat zal worden besproken, maar ook: hoe, en waarom. Door het gebruik van slimmere agendatitels, subvragen en tijdsblokken wekt een agenda een daadkrachtige indruk. Dat heeft een positief effect op de deelnemers. In de vaardigheidstraining gaan we daar uitgebreider op in. Elke deelnemer past de nieuwe inzichten toe op een bestaande agenda. Verder oefenen we natuurlijk met vergadertechnieken en tijdbesparende, effectieve vergaderwerkvormen.

Zijn juristen goede vergaderaars? 
Ja en nee. Veel juristen zijn van nature gericht op duidelijke regels, procedures en afspraken. Ook willen overheidsjuristen en wetgevingsjuristen graag op basis van feiten discussiëren en hebben zij oog voor het belang van details en de juiste woordkeuze. Ze zijn serieus en inhoudelijk, dat helpt de vergadering vooruit. Men kan echter de neiging hebben om de hoofdlijnen uit het oog te verliezen en te wollig te spreken, bijvoorbeeld met veel schrijftaal en bijzinnen. Gelukkig biedt de Academie ook een spreekvaardigheidstraining aan: ‘Effectief overtuigen’.

Hoe gaat het met Nederland Vergaderland?
Ik zie dat steeds meer organisaties zich bewust zijn van hun vergadercultuur. Steeds vaker hoor ik bij cursussen dat er goede stappen zijn gezet op het gebied van prettig en efficiënt vergaderen. Ik zie verbeterde vergaderagenda’s, gemotiveerde voorzitters en vergaderaars die experimenteren met (vergader-)werkvormen en slimme manieren van communiceren en organiseren. Inzichten afkomstig uit Scrum, AGILE en LEAN-management van projecten hebben hieraan bijgedragen. Hoe meer mensen dergelijke vaardigheidstrainingen volgen, hoe beter het gaat.

Hoe zie je de toekomst?
Het belang van vaardigheidstrainingen wordt steeds groter. We leven in een tijd waarin mensen veel willen blijven leren en vaker van baan wisselen. Je houdt je leven lang plezier van de aangeleerde vaardigheden!