29 november 2018 09:18

Lezing: Rechterlijke constitutionele toetsing: zegen of monster?

Het huidige artikel 120 van de Grondwet verbiedt de rechterlijke toetsing van wetten en verdragen aan de Grondwet. De discussie of in Nederland de wetgever of de rechter de hoeder van de Grondwet moet zijn, is niet nieuw. Al in 1966 werden voorstellen gedaan voor de invoering van een rechterlijke toetsing. Daarna hebben de regering en de beide Kamers regelmatig van gedachten gewisseld over het toetsingsverbod. De behandeling van het in 2002 door toenmalig Tweede Kamerlid Halsema (GroenLinks) aanhangig gemaakte initiatiefvoorstel voor een beperkte toetsingsmogelijkheid, lag in tweede lezing stil sinds 2015 en is inmiddels ingetrokken. Inmiddels heeft de staatscommissie parlementair stelsel zich in een tussenrapportage positief uitgesproken over de invoering van constitutionele toetsing in de vorm van geconcentreerde toetsing door een Constitutioneel Hof. Aan het einde van dit jaar zal de staatscommissie met een definitief advies over dit (deel)onderwerpkomen..

Is de situatie in Nederland zo anders dan in de ons omringende landen, waar wel de mogelijkheid van rechterlijke constitutionele toetsing van wetten bestaat? Vinden we de route van toetsing via artikel 94 van de Grondwet, waarin staat dat wettelijke voorschriften wel kunnen worden getoetst aan verdragen, een werkbaar alternatief? En wat betekent die ‘omweg’ voor het werk van juristen bij de overheid? En he zit het eigenlijk met de toetsing van Europees recht, dat immers doorwerkt buiten de Grondwet om?

Dr. N.J. (Nik) de Boer, universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam, heeft onderzoek gedaan naar de constitutionele toetsing van Europees recht door nationale constitutionele gerechtshoven. Aan de hand van de constitutionele theorie en een bestudering van de rol van het Duitse Constitutionele Hof ten aanzien van de Europese Unie, komt De Boer tot een kritisch oordeel over rechterlijke toetsing. Hij laat u graag kennis nemen van de inzichten die uit zijn onderzoek kunnen worden afgeleid voor de legitimiteit van constitutionele toetsing.

Daaraan voorafgaand verzorgt Paul van Sasse van Ysselt (BZK/CZW) een korte introductie.

De Academies voor Wetgeving en voor Overheidsjuristen en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties nodigen u voor deze lezing van harte uit. Na afloop is er gelegenheid om met elkaar van gedachten te wisselen.

Datum:                 29 november 2018
Tijdstip:                15.30 uur - 17.00 uur (inloop vanaf 15.15 uur, borrel na afloop)
Locatie:                Academie, Lange Voorhout 62 te Den Haag
Doelgroepen:       Wetgevingsjuristen en overheidsjuristen
Maximaal aantal

deelnemers:         60
PWO-punten:      2